Posted in Photo, Travel on Thursday 12 May 2011 (23:35)

gettycenterWe keren nog even terug naar mijn Zuid-Californische expeditie van anderhalve maand geleden, voor een verslagje van de laatste dag. Precies hetzelfde deed ik die bewuste dinsdagmorgen ook: terugkeren waar ik gebleven was. Vanuit Oxnard ging het in plaats van huiswaarts eerst weer richting zuiden terug naar Los Angeles, voor een onvoorzien bezoek aan het Getty Center. Het beroemde museumcomplex huisvest een aanzienlijke privé-kunstcollectie en tijdelijke thema-tentoonstellingen, maar is vooral bekend omwille van zijn vormgeving en hooggelegen ligging, uitkijkend over de stad en omringende groene heuvels.

Mijn nieuwsgierigheid was de dag voordien geprikkeld en onverzadigd gebleven. Dat het Getty Center en bijhorende toegangsweg gesloten is elke maandag wist ik op voorhand. Heel wat minder voorzien was dat de Getty View Trail, een avontuurlijk wandelpad dat vanaf de naburige heuvels een uitzicht biedt, niet langer meer bleek te bestaan en ik het Center dus helemaal niét te zien zou krijgen. Nooit vies van een stevige brok moderne architectuur besloot ik uiteindelijk toch nog een volwaardig kijkje te gaan nemen. Het was gelukkig de flinke omweg – bijna 2 uur in volle ochtendspits, met afwisselend zeer hectisch laverend en sterk vertraagd verkeer – meer dan waard. Elegante en luchtige gebouwen in maagdelijk wit omgeven door kraaknet onderhouden parkjes en tuinen: geniet hier maar even mee.

Zoals je misschien zelf kunt raden, maakte ik ook de laatste dag een paar koninklijke zijsprongetjes in de voetsporen van de Mexiaanse paters. Wat rondkuieren bij Mission San Gabriel, badend in een stralende morgenzon, was een rustgevende ontsnapping aan het snelwegverkeer. Op terugweg naar Santa Cruz stopte ik ook nog in Ventura voor de gelijknamige missie en weelderige stadhuis, en nabij Lompoc aan de Mission La Purisima. Die laatste is een heus State Historic Park, waar niet alleen de typische kloosterkerk maar ook bijhorende boerderij- en woongebouwen zijn bewaard gebleven in oorspronkelijke vorm, weg van moderne bebouwing en ontwikkeling. Een zeldzame hap Californische geschiedenis, die een fijn beeld geeft hoe het landelijke (missionaris)leven er destijds moet hebben uitgezien.

Met dit achter de rug, kan ik me binnenkort weer toeleggen op het eindelijk eens afwerken van de avonturen in Utah van nog maar – ahum – 8 maanden geleden. En mijn kerstuitstap in Arizona, niet te vergeten, en … Het lijkt een vicieuze cirkel, maar in wezen is de remedie verrassend simpel: ik moet ofwel wat meer bloggen, of wat minder op reis gaan.

Ik heb alvast een lichte voorkeur voor antwoord A ;)

Posted in Life, Travel on Tuesday 26 April 2011 (23:58)

sanfranbynight
Het is fijn om te merken hoe leuke plaatsen blijven fascineren. Ik schrijf vanuit San Francisco, een stad die me om vele redenen nauw aan het hart ligt en ik de voorbije jaren al vele keren heb bezocht of doorkruist. En die ik, ondanks dat vertrouwde element, opnieuw met als het ware fonkelnieuwe ogen kan bekijken.

Ik ben hier sedert maandagavond voor het bijwonen van de MRS Spring Meeting 2011. De wetenschappelijke bijeenkomst wordt jaarlijks georganiseerd door de Materials Research Society en breekt – althans wat mijn persoonlijke conferentie-ervaring betreft – met gemak alle records qua proporties. Het mega-event bestaat uit een 50-tal parallelle symposia (verspreid over het verrassend luchtige Moscone Convention Center) die in totaal een kleine 5000 bezoekers aantrekken. De onderzoeksgroep waar ik werk is dankzij een tiental papers al bij al goed vertegenwoordigd, in de sessies over micro-warmteoverdracht en thermoelektriciteit. Mijn eigen presentatie deze voormiddag (met 70 of zo aanwezigen, goed vergelijkbaar met de opkomst bij de mij veel meer vertrouwde intiemere conferenties) verliep alvast vlekkeloos en scoorde erg hoog op de satisfaction schaal van mijn kritische zelf :)

Zoals vaak het geval is, werken de congresorganisators samen met hotels in de buurt voor het aanbieden van overnachting aan scherp verminderde prijzen. Een unieke buitenkans om in het Marriott Marquis te logeren, op zijn minst één van de prestigieuze hotels in de hele stad. Ik heb bovendien het geluk om op de 32ste verdieping te zijn beland. Zoals je hierboven kunt zien (na 6 verwoede pogingen om de upload te voltooien over het hotelinternet), zorgt dat voor leuke taferelen vanuit het vensterraam ;)

Morgenavond zet ik terug koers naar Santa Cruz om de drukgevulde business as usual uniefdraad weer op te nemen. Voorlopig is het nog eventjes stiekem genieten van het nachtelijke schouwspel in vogelperspectief. Wie weet mag ik wel een wens doen voor elk fonkelend lichtje?

Sweet dreams, my dearest Frisco.

Posted in Photo, Travel on Friday 22 April 2011 (00:39)

Los Angeles makes the rest of California seem authentic.
- Jonathan Culler

Los Angeles is seventy-two suburbs in search of a city.
- Dorothy Parker

downtownLADoor grote werkdrukte heeft het even geduurd, maar: het verslag over expeditie Zuid-Californië gaat nog even verder.

Mijn relatief frequente Californische aanwezigheid ten spijt (dit huidig verblijf is intussen al nummer 5 in de exponentieel groeiende rij die in 2005 begon) was ik tot dusver nog nooit in Los Angeles geweest. Grotendeels bewust, moet ik zeggen. LA is niet echt een stad maar een eindeloze sprawl, een voortdurend uitdeinende verzameling substadjes die met elkaar vergroeid zijn via een dens netwerk aan snelwegen en boulevards.

Een paar van die towns en buurten – 72 in totaal, blijkbaar – hebben klinkende namen als Beverly Hills, Venice Beach en Hollywood en zijn wereldwijd bekend. Het is misschien daarom dat LA steevast hoog op toeristenlijstjes prijkt, vooral bij Europese bezoekers. In mijn ogen heeft de gigantische vlek asfalt (die kunstmatig in leven moet worden gehouden door het Los Angeles Aqueduct dat massaal water invoert uit de Sierra’s honderden kilometers verderop) echter maar weinig interessants te bieden. Zeker als je het in verhouding met de bombastische proporties bekijkt: 4320 vierkante kilometer en 15 miljoen bewoners om precies te zijn – anderhalf België samengeperst op een zevende van de oppervlakte. Een stad – een échte stad :) – als pakweg San Francisco biedt in dat opzicht heel wat meer sightseekwaliteit in een veel compactere verpakking.

Best intrigerend trouwens: mijn mening wordt opvallend vaak gedeeld door mensen die zelf in Los Angeles wonen of hebben gewoond. Ik ben er een aantal tegengekomen doorheen mijn reizen in Arizona en Utah en steevast lieten ze een promopraatje voor hun thuisbasis achterwege, omdat er ‘zoveel ander moois te ontdekken valt terwijl ik hier ben’. Mijn recente doortocht heeft in elk geval bevestigd wat ik had vermoed. Zelfs het beroemde Zuid-Californische kustklimaat (ja hoor, nog meer zon en vooral minder mist dan Santa Cruz: het bestaat) zou me niet overtuigen om er ooit te gaan wonen.

Begrijp me evenwel niet verkeerd: uiteraard zijn er wel een paar leuke plekjes die een gelegenheidsbezoekje (en het trotseren van de dagelijkse verkeerschaos) waard zijn. Wie zoekt die vindt ;) Fans van pakweg de Walk of Fame of vanuit een bus huisjes van Hollywoodsterren kijken moet ik echter teleurstellen: dergelijke toeristenvallen zijn niet echt aan mij besteed.

Wat je wel kunt aantreffen in mijn fotorondleiding: een paar – vaak ook letterlijke – hoogtepunten uit mijn ietwat alternatieve highlights tour. Die begon ’s morgens in downtown met het abstract-moderne Walt Disney concertgebouw (denk: Picasso bouwt een zeilschip op het droge) en de wolkenkrabbers van de financiële wijk als voornaamste blikvangers. Daarna trok ik noordwaarts de heuvels in. Vanuit Griffith Park en het gelijknamige Observatory (een nog werkzame sterrenwacht) heb je een mooi uitzicht over de stad – nu ja, als je de smogwaas even wegdenkt :) – en de befaamde Hollywoodletters. De wandelpaden midden overvloedig groen zorgen voor een deugddoende verademing weg van urban drukte en snelweggeraas. Ook de relatief afgelegen Mulholland Drive (doet misschien een belletje rinkelen door de gelijknamige film, ik heb hem evenwel niet gezien) die zich over de heuvelkam slingert biedt een paar mooie panorama’s en voelt verrassend landelijk aan. Tussendoor stond nog een ontspannende tussenstop bij Mission Fernando op het programma, om daarna de dag af te sluiten in Santa Monica.

In dat kuststadje is los van een overdosis palmbomen, een klein pretpark en bodybuilders die show staan te verkopen op het strand maar weinig te zien of beleven… niet meteen mijn ding. Maar ach, van een klein beetje toerist uithangen gaat een mens niet dood. Beziet, maar verpink met mate ;)

Posted in Photo, Travel on Tuesday 5 April 2011 (23:56)

palmspringsBijna halfweg mijn SoCal avontuur: dag 3 op een rijtje zetten. Vooraleer San Diego de rug toe te keren en met grote omwegen weer noordwaarts te trekken, ben ik eerst nog even gestopt bij de missie. Als allereerste gesticht en dus oudste van het hele netwerk kon deze niet in mijn lijstje ontbreken. Achteraf bleek hoe grappig en fascinerend compositie en perspectief kan zijn: ik heb mijn foto’s, op eentje na, onbewust allemaal in het portrait formaat genomen.

Ook rond zonsondergang was het cameragewijs een beetje improviseren. Op weg naar het hotel in Los Angeles heb ik als laatste pitstop Mission San Juan Capistrano ingelast. De missie was uiteraard al gesloten – patertjes gaan slapen na TikTak, dat weet iedereen :) – maar niet getreurd. De voorgevel en nieuwe basiliek aan de achterkant zijn op zich al de moeite, én de muurtjes bleken naar Mexicaanse maatstaven gefabriceerd, uit de jaren stillekes bovendien. Lange Europeanen, in mijn geval daarenboven gewapend met een camera met uitklapbaar CCD scherm, kunnen er zonder veel moeite overheen kijken voor een paar geslaagde sfeerbeeldjes.

Met die (gods)dienstmedelingen achter de rug kan ik me volop concentreren op de hoofdbestemming van die dag: Palm Springs. De scenic route landinwaarts was een letterlijk wisselvallige ervaring. Het eerste anderhalf uur kronkelden de bochtige highways zich doorheen regenvlagen en hardnekkige mistbanken. Maar eens het kustgebergte over, lonkten brede opklaringen. Tijdens de afdaling naar en doorkruisen van de Coachella Valley – voor de kenners: die van het gelijknamige muziekfestival inderdaad – was het met volle teugen genieten van het mooie en zonovergoten landschap.

Tenzij je van lelijke, oeverloos uitgestrekte suburbs houdt of golfliefhebber met een dikke portefeuille bent, is er in Palm Springs zelf weinig te beleven of zien. De uithoek van het woestijnoasestadje heeft echter iets speciaals te bieden: de Palm Springs Aerial Tramway. Een telefriekske voor de West-Vlamingen onder ons, en niet zomaar eentje. De kabelbaan is één van de steilste ter wereld, en brengt je onder een hoek van 50 graden in luttele minuten van de heetgebakerde valleibodem naar een bergtop 1,8 kilometer hoger, op 2600 meter boven zeeniveau. Wie last heeft van erge hoogtevrees kan misschien eerst comfortabel gaan zitten vooraleer naar de foto’s te kijken :)

Op biotopisch vlak wordt de tocht vaak geadverteerd als het equivalent van een trektocht van Mexico naar Alaska. Een tikkeltje overdreven natuurlijk – marketeers en vissers, soms de beste vrienden – maar het geeft toch een idee. Na aankomst in het Mountain Station wachten letterlijk en figuurlijk ‘frisse’ berglucht en panorama’s over de uitgestrekte omgeving. De schrale vlakte beneden contrasteert scherp met het eeuwige groen van eindeloze naaldbomen op de bergflanken. En in dit geval deed een vers wit donstapijt (jawel!) dat pas de dag voordien was gevallen, er nog een flinke scheut bovenop.

Een op en top Californisch winter wonderland dus, uitermate geschikt om als uitsmijter Jan De Wilde te misquoteren: Ik voel me zo woestijnig in de eerste sneeuw ;)

Posted in Photo, Travel on Sunday 3 April 2011 (23:28)

SanDiegoBayI’m on a roll, this time… (Radiohead met ‘Lucky’, iemand?) Om maar te zeggen: nu ik hoogst uitzonderlijk eens kort op de bal speel met de verslagjes, probeer ik er de vaart in te houden. Met het tweede deel van mijn uitstap van vorige week, bijvoorbeeld!

Nog steeds in de 300 jaar oude voetsporen van de Spanjaarden – wat me en passant bij de hoogst charmante Mission San Luis Rey de Francia deed belanden – arriveerde ik uiteindelijk in San Diego. Het meest zuidelijke punt van mijn trip, en meteen ook van de hele staat. Een paar luttele mijlen voorbij het stadscentrum loopt het rijk van de VS letterlijk ten einde.

De grensovergang met Mexico, richting Tijuana, wordt vaak genoemd als de drukste ter wereld. Omdat het verkennen van Mexico sowieso op geen enkel van mijn verlanglijstjes staat (en me direct ook een gigantische omweg via de Amerikaanse ambassade in Brussel zou kosten vooraleer de VS weer binnen te kunnen) ben ik ruimschoots uit de buurt gebleven. Voor wie toch even de sfeer wil opsnuiven bij José met de pet en tegelijk graag kwaliteitscinema meepikt, kan ik altijd Babel en Traffic aanraden :)

Op toeristisch vlak staat San Diego, naast een gerenommeerde zoo, vooral bekend voor zijn Gaslamp Quarter. Ondanks de intentie om het historische district wel degelijk te bezoeken die late namiddag, moet ik geïnteresseerden op hun fotohonger laten zitten. De buurt doorworstelen per auto was namelijk al teleurstellend genoeg om zonder verpinken de dag af te ronden en koers te zetten naar mijn hotel, een kwartier buiten de stad, voor een relaxend plonsje in het zwembad.

Ik moest van achter mijn stuur spontaan de vergelijking maken met Fisherman’s Wharf in San Francisco. Ook dé place to be als je de reisgidsen mag geloven, zelf vind ik er bitter weinig aan. Het Gaslamp Quarter lijdt aan de identieke kwalen waar ik als casual sightseeer en hobbyfotograaf een accute toeristenallergie van krijg. De hele buurt is een aaneenschakeling van restaurants, bars en kitscherige souvenirwinkeltjes, een nachtmerrie om te parkeren, doorkruist met nerveus verkeer en gevuld met horden – of zeg maar gerust kuddes – voetvolk gewapend met bombastische rugzakken, lelijke petjes, oversized kinderbuggy’s en ander marteltuig. Zo’n hele mensenheisa is best nog verdraagbaar als er een goede reden voor is, maar daar zit net het grootste probleem: er is eigenlijk bitter weinig waardevols te zien. Toegegeven, hier en daar valt tussen de platte commercie een niet onaardig gebouw met Victoriaanse facade te bespeuren, maar die vind je in grotere en stijlvollere getale elders ook, zelfs in Santa Cruz. Sta mij toe om Radiohead nog even uit de citatenkast te halen: Move along now, nothing left to see / Just our bodies floating down the street.

Haaa, dat lucht op ;) Wat gelukkig veel meer de moeite waard was, en dus wél in het fotoalbum is beland: het Coronado schiereiland. Het 15 kilometer lange strookje land priemt de Stille Oceaan in net ten zuiden van de stad, bijna parallel met het vasteland. Vanaf de tip heb je een mooi uitzicht over de zo gevormde San Diego Bay, en de skyline van de stad.

Heel veel woorden voor een relatief mager prentjesboek vandaag, het is eens iets anders. Hoog tijd om het (gas)lampje uit te draaien. Baai-baai, San Diego :)

Posted in Photo, Travel on Thursday 31 March 2011 (23:08)

MissionSLOHighway 101, die de hoofdmoot uitmaakte van mijn lange weg zuidwaarts naar Los Angeles en San Diego vorige week, volgt min of meer het traject van de camino real (waar ik het  vroeger al eens over had). Dus waarom niet onderweg geregeld eens stoppen bij een historic mission?

Die zeldzame brokjes Californische geschiedenis zijn vaak architecturale pareltjes en een ideale plek om de benen even te strekken, te genieten van een picnic midden weelderige bloemenpracht, én een paar leuke plaatjes te schieten. Snuister even mee in (van noord naar zuid) Mission Solano, San Miguel en San Luis Obispo.

Het vrolijk getsjirp van de vogeltjes en spreekwoordelijke engelengezang moet je er zelf bij denken, maar het geeft hopelijk toch een idee ;)

Posted in Travel on Wednesday 30 March 2011 (23:48)

meeuw-highway5Hellow iedereen! Vlugjes even melden dat ik gisterenavond na een deugddoende getaway weer veilig ben aangespoeld in Santa Cruz. Het werd nog een drukgevulde laatste vakantiedag, met heel wat – grotendeels erg aangename – uren in de auto. Een paar extra sightsee-omwegen deden mijn autoteller uiteindelijk op een ronde 1555 mijl (een goeie 2500 kilometer in schoon Vlaams) belanden, niet slecht voor een vijfdaagse. Hiernaast alvast een voorsmaakje van het vele moois onderweg, binnenkort (hopelijk ook echt deze keer :P ) heel wat meer. Mine! mine! mine!

Posted in Travel on Friday 25 March 2011 (22:45)

Jawel: de titels met muzikale knipogen zijn terug ;)

Ik schrijf vanuit de lobby van een hotel op de luchthaven van Los Angeles. Niet dat ik ergens naartoe wil vliegen, daar niet van :) Na een aantal rowdy weken op en naast het werk had ik hoogdringend behoefte aan een streepje vakantie. En dat begint niet toevallig vandaag: corporate America geniet van een vrije vrijdag (what’s in a name) ter ere van Cesar Chavez Day. En dankzij een eerdere zondagse werkshift én het overslaan van Presidents Day eind februari kan ik zonder enig verlof te moeten nemen er 5 dagen heerlijk tussenuit knijpen. Een beetje quality time voor mezelf vol zorgeloze ontspannende roadtrip fun, ver weg van overlopende unief-emailboxen: zaaaalig.

Omdat het nog te vroeg is om mijn verlanglijstje aan National Parks voor dit jaar af te lopen – ze liggen allen ten noorden van Santa Cruz en/of op grote hoogte en zijn bijgevolg voorlopig nog toegedekt onder een flinke laag sneeuw – viel mijn spreekwoordelijke dartspijl op de zuidkust van Californië.

De eerste etappe was alvast prima om in optimale vakantiesfeer te komen. Het deed in elk geval deugd om de zon nog eens te zien! De voorbije 2 weken heeft het letterlijk elke dag geregend. Het zomeruur is al 2 weken bezig in de VS maar veel hebben we er nog niet echt aan gehad. De aanhoudende toevloed aan abnormaal koude temperaturen en stortvlagen, die in combinatie met rukwinden en de archaïsche bovengrondse nutsinfrastructuur ook geregeld voor stroomonderbrekingen zorgen, beginnen stilaan iedereen in gans centraal Californië ferm op de zenuwen te werken. Maar er is beterschap op komst, en naar goede gewoonte zijn in het zuiden de opklaringen nu al gearriveerd. Het is een dubbeltje op z’n kant geworden, maar de timing van mijn tripje ziet er wat dat betreft veelbelovend en opbeurend uit :)

En zo beland ik dus op LAX. Los Angeles ligt op een goeie 6.5 uur rijden van Santa Cruz en is daarom een geschikte stopplaats onderweg naar het uiterste zuiden van de Staat. De hotels in de omgeving van de luchthaven bieden met ruime voorsprong het meeste waar voor het minste geld en zijn daarom een misschien ietwat verrassende, maar niet onlogische keuze.

Morgen trek ik verder naar San Diego (nog 2 uurtjes verder, vlakbij de Mexicaanse grens) en daarna via een inlandse lus langs Palm Springs terug naar LA. Wat lanterfanten in de omgeving en de stadssfeer opsnuiven, sightseeing vanaf het uitgestrekte spaghettinetwerk aan snelwegen, tussendoor een paar historische missions: veel meer heeft een mens niet nodig om tot rust te komen.

Groeten en tot gauw!

Posted in Photo, Travel on Wednesday 23 February 2011 (23:57)

islandskyZoals je misschien nog herinnert van vorig jaar: tijdens een heel erg verlengd Labor Day weekend was ik op reis. Of zeg maar gerust Reis met grote R. Een ontdekkingstocht doorheen de National Parks van Utah bracht me van het ene natuurwonder naar het andere. Op dag 5 stond Canyonlands op het sightseemenu.

Canyonlands is, zeker in vergelijking met roemruchte buren als Zion, Bryce Canyon en Arches, relatief onbekend en weinig bezocht. Het park op zich was ook veruit het meest desolate van de hele trip, en dat bedoel ik niet noodzakelijk in slechte zin – 85 procent is officieel geklasseerd als backcountry. Het ruige niemandsland ver weg van enige beschaving is alleen exploreerbaar met een combinatie van een goed uitgeruste 4×4, stevige zin voor avontuur en bijzonder stoute wandelschoenen. De overige 15 procent aan uitkijkpunten en trails bereikbaar via schaarse verharde wegen bieden echter al een heel fraai overzicht van het dorre, zwaar gehavende landschap bezaaid met ongerepte rotswildernis.

Het park bestaat uit twee aparte deelregio’s. In vogelvlucht over de backcountry maar een goeie 20 kilometer van elkaar verwijderd, qua specifiek karakter echter heel wat meer. Ook de oversteek duurt voor ons ongevleugelden een stuk langer dan je zou denken. De lokale highways moeten een flinke omweg maken rond het doolhof van steenformaties en kloven, en de verplaatsing enkele reis neemt al gauw 2 uur in beslag.

Het noordelijke district is erg toepasselijk Island in The Sky gedoopt. Een uitgestrekt rotsplateau dat grotendeels van erosie gespaard is gebleven, torent met zijn bijna loodrechte wanden 700 meter boven de valeibodem uit. Een paar vista points bieden een mooi uitzicht over het ruige netwerk aan canyons waarnaar het park is vernoemd.

needlesIn de late namiddag ging het dan zuidwaarts, naar The Needles. De relatieve weelde aan plantengroen bij het binnenrijden van het district contrasteerde meteen al met de schrale canyonlands. Het standpunt wordt hier omgedraaid: de regio is relatief vlak, met de toegangswegen op de valleibodem die een kikkerperspectief bieden op een aantal steenformaties. Een serie puntvormige rotspilaren, waaraan Needles zijn naam te danken heeft, is op veel locaties te zien aan de horizon als een natuurlijke skyline van gigantische rechtopstaande stenen tandenstokers. De erosie laat zich hier ook in het algemeen van een meer verfijnde kant zien. Het hoekig kerfwerk uit het noorden ruimt plaats voor mooi afgeronde vormen. Heel spectaculair waren een paar mesa’s die vaag doen denken aan kastelen en cathedralen, en een soort rotspaddestoelen van gladgepolijste rode steen met witgele kapjes. Mijn timing was perfect om ze in volle glorie te zien blinken in het gouden licht van de ondergaande zon.

Een paar uur later zat ik heerlijk na te genieten bij een pasta en frisse pint in de warme avondbries op een terrasje in Moab. Een aangenaam en onverwacht hip woestijnstadje, zeker naar de lokale normen van het dunbevolkte zuidoosten van Utah. Veel zijn ze er wel niet echt gewoon blijkbaar. Op wandel van mijn hotel richting restaurant, fris gewassen en in keurig hemdje, kwam opeens een enthousiaste ‘hey baby!’ vanuit een autoraampje mijn richting uit. De passante was een tikkeltje te oud en iets te getatoeëerd naar mijn smaak, maar ik vond het best wel grappig en flatterend.

En zo zie je maar, ik heb het geregeld al eens vermeld: als je in Amerika ergens naar onderweg bent, is de trip op zich al een half avontuur :)

Posted in Life on Saturday 5 February 2011 (22:01)

fietstochtje
Kalenders zijn rare beestjes: een paar keer met je ogen knipperen, en hup: ze staan op een andere maand. We zijn intussen al februari, niet te geloven.

Als er tot dusver in nieuwe jaar (blog)levenslessen te rapen vielen, was het wel de volgende. Het doen van uitspraken à la – sta me toe dat ik mezelf even citeer -

Wordt vervolgd in de komende weken, als de technologiegoden en werkuren wat meewerken tenminste.

is waarschijnlijk net iets té smakelijk voor het lot om er zijn tandjes niet in te zetten :) Rond half januari viel een onverwachte deadline op ietwat theatrale lijk-in-de-kast-wijze op mijn uniefboterham. Hmm ik heb precies nogal een (fantasie)rijke beeldspraak vandaag… ‘t Zullen misschien de lentekriebels zijn (amper regen gehad de voorbije weken, en 22 graden vandaag). Maar goed, ik dwaal af. Om op tijd een paar testresultaten klaar te hebben waren drastische maatregelen nodig. Het inderhaast ineenknutselen van een optische meetopstelling – lasershooting voor niét-dummies, zeg maar – tijdens een labomarathon van 9u30 ’s morgens tot 4u ’s nachts was wellicht het meest memorabel. Uiteindelijk werd de missie met succes volbracht, maar ‘werkuren die een beetje meewerken’ kun je het niet meteen noemen :)

Ook technologiegoden lezen dit stukje cyberspace aandachtig mee, lijkt het. Ik heb de indruk dat de digitale muren niet alleen oren hebben, maar een compleet arsenaal aan gesofisticeerde voelsprieten. Na een paar weken van relatieve rust op het westelijk binair front heeft de adsl-modem (of mijn draadloze router, mijn huisgenoot en ik zijn er nog altijd niet volledig uit) sinds woensdag besloten nog maar eens puberkuren te krijgen. Mits een hoogacademische interventie – lees: het herstarten van de modem en in willekeurige volgorde frutselen aan de kabels – ben ik meestal weer vrij snel online. Een ingenieurs- en doctoraatsdiploma, wat zou een mens zonder doen, meneer :P Waarna een paar (of half) uur later de verbinding weer mysterieus uitvalt… om net geen punthoofd van te krijgen.

Als afsluiter nog dit… Ik tokkel (hopelijk snel genoeg om een nieuwe radiostilte voor te zijn) dit alles bij elkaar met ietwat vermoeide maar zeer voldane beenspieren. Met al dat zittend werk en stralend weer vond ik het hoog tijd voor een streepje lichaamsbeweging. Een streepje van 44 kilometer lang op de fiets, om precies te zijn. Naar Californische traditie zit het venijn vooral in de verticale afstand. Dit keer stond een totaal hoogteverschil van een goeie 700 meter op het menu, geconcentreerd in een klim van een tiental kilometer van aan de kustlijn naar en door het heuveldorpje Bonny Doon. Het gaat onafgebroken omhoog met stijgingspercentages van afwisselend 6, 10, en hier en daar 12%. Na het volbrengen van dat huzarenstukje wacht de bochtige Empire Grade voor een heerlijk lange en avontuurlijke afdaling terug naar Santa Cruz als beloning. Al bij al was de tocht zelfs iets minder zwaar dan gedacht, en vooral: heel plezant.

Bovendien, niet onbelangrijk: alles verliep vlekkeloos volgens plan – geen enkel lot te bespeuren dat al dan niet figuurlijk stokjes in de gespaakte wielen stak. Het kon niet goed mee bergop, waarschijnlijk.

Hou het tussen ons, maar volgens mij rijdt Lady Fortuna met steunwieltjes ;)